vrijdag 25 mei 2012

Broome - Kununurra


In Broome genoten we van (één van) de mooiste zonsondergangen van Australië, die elke avond tientallen kijklustigen lokt. En enkele uurtjes  konden we genieten van “the staircase to the moon”. De reflectie van de volle maan geeft dan een speciaal effect op de oceaan, waardoor het lijkt alsof je via een trap naar de maan kan stappen. De volgende stop was Kununurra omdat we daar onze auto in orde gaan laten zetten om binnen enkele weken te verkopen in Darwin. Door het dichtbijgelegen Mirima nationaal park en de werkgelegenheid  is Kununurra perfecte plaats om een tijdje te stoppen en de auto te laten checken. Spijtig genoeg is het nog enkele weken te vroeg voor ze hier echt veel werkkrachten nodig hebben. Maar terwijl we wachten tot de auto in orde is, kon Rox gelukkig beginnen opdienen op 2 verschillende plaatsen. Dezer dagen zijn het blijkbaar de vrouwen die de kost verdienen en de man zit aan de haard (lees: zwembad). Tot de auto klaar is verblijven we op een camping tussen de schitterende cliffs van het Mirima nationaal park, in het gezelschap van onze west-vlaamse vrienden.

donderdag 10 mei 2012

Perth - Broome


We zijn uiteindelijk nog een poosje rond Perth blijven hangen omdat de stranden er super waren. Na Perth zijn we verder naar het noorden gereden via Guilderton naar Lancelin. Voor een vrij afgelegen en klein dorpje te zijn was hier toch nog redelijk veel te doen en te zien. Er zijn verschillende mooie stranden rond Lancelin om te zwemmen, surfen en kiten, maar omdat er zeer veel wind stond was de zee dus ook vrij wild en hebben we het beperkt tot bodyboarden op Back Beach. In het dorpje zelf was het toegestaan om er 1 nacht gratis te overnachten op de parking in het dorpscentrum, dus de beslissing om nog een dag te blijven was snel gemaakt. De dag nadien huurden we  een sandboard om te boarden in de gigantische zandduinen net op de rand van het dorp. Hoewel het gegeven sandboarden veel weg heeft van snowboarden, is het toch heel anders!

De volgende bezienswaardigheid was “The Pinnacles” in Nambung National Park. Dit zijn smalle rotsformaties uit Limestone, maar de verdere details zijn we al vergeten... Oeps! Het was wel zeker een bezoekje waard. Via Cervantes en Jurien Bay zijn we naar het noordelijker gelegen Geraldton gereden. Hier moesten we zeker zijn om onze REGO-sticker (die we naar het postkantoor van Geraldton hadden laten opsturen) op te halen en zo opnieuw legaal over de Australische wegen te rijden. 

Na een korte stop in Hamelin zijn we via The World Heritage Trail naar Denham (Shark Bay) gereden. Hier genoten we na een lange dag gereden te hebben van een plons in het zwembad op de camping! Op ongeveer 30 km van Denham ligt Monkey Mia. Hier worden de dolfijnen elke ochtend gevoed en kan je heerlijk relaxen in de super blauwe zee en nadien genieten van een ijsje in het resort. Naast dolfijnen worden hier ook op regelmatige basis zeeschildpadden, haaien,... gespot.

Nog meer naar het noorden ligt Carnarvon. Hier spraken we af met Nick en Ineke, een belgisch koppel dat we eerder tijdens onze reis hadden ontmoet. Na een voormiddag werk gezocht te hebben (door naar de boerderijen en plantaties te rijden) zonder succes zijn we met hun richting Coral Bay getrokken. De baai zelf was heel mooi, maar het dorpje (dat bestond uit 1 straat) en het massatoerisme was voor ons een spelbreker. De volgende ochtend zijn we verder gereden naar Exmouth. Hier hadden Niels en ik een advertentie zien hangen voor “massage therapist” en aangezien we toch niets te verliezen hebben zijn we ons gaan aanmelden. Dit bleek uiteindelijk geen slecht idee te zijn, omdat Tanja (de massage therapist) onze hulp met open armen verwelkomde! Maar omdat ze ons niet meteen werk kon garanderen en het ongeveer 2 weken zou duren voor er genoeg clienten zouden zijn, zijn we uiteindelijk toch niet op haar voorstel ingegaan...  Dan toch geen kine-job in paradise. Na een dagje chillen en snorkelen aan Turquoise Bay en Lakeside Beach in het Cape Range National Park (bij Exmouth) hebben we afscheid genomen van onze Belgische vrienden aangezien zij hier nog enkele dagen gingen doorbrengen en wij onze trip naar het noorden moesten verder zetten.

Het volgende op onze “to-do-list” was Karijini National Park. We begonnen aan de oostkant van het nationaal park aangezien de weg hier gemakkelijk te berijden viel. We zijn meteen naar de kampplaats gereden vanwaar we later die ochtend begonnen aan onze wandeling door de kliffen. Tijdens de wandeling kon je genieten van een plons in de verschillende “pools”. Aan Circular Pool ontmoetten we een Australisch gezin waar we later die avond nog mee afspraken. De Hopkins familie, bestaande uit Matt en Kirsty en hun 2 kinderen (Amber en Dylan) verwelkomde ons op Australische wijze: met een BBQ en het werd een gezellige avond vol gelach en gebabbel. Omdat we eerder al hadden laten vallen dat we het westen van het nationaal park niet durfden te doen met onze auto (door de slechte staat van de wegen), hadden ze voorgesteld om de volgende dag met hun mee te gaan in hun 4WD. Het werd uiteindelijk een super leuke en avontuurlijke dag! Samen met de kinderen waagden we ons aan toch wel moeilijke stukjes klif-klauteren en ijskoude zwempassages door de georges. Het springen van de rotsen, de lekkere zelfgemaakte bicies en cupcakes die ons werden aangeboden, de aardrijkskunde les van Matt over de sterren en de ondervraging van de kinderen over de gevaarlijke dieren van Australie zijn herinneringen die we nooit zullen vergeten... Wetende dat we de familie nog zullen tegenkomen, aangezien ze ongeveer dezelfde reis als ons afleggen, viel het afscheid niet al te zwaar.

Na opnieuw vele kilometers af te leggen zijn we eindelijk aangekomen in Broome. Er zijn slechts nog maar enkele stops voor Darwin en nog zooooooooooveeeeel kilometers af te leggen!

maandag 16 april 2012

Adelaide - Perth


Eerst en vooral (en ondertussen al veel te laat); we hebben de Nullarbor Plain overleefd en zijn nu dus al ongeveer een maand in West Australie!

Net voor we aan de echte lange en eenzame rit door de Nullarbor begonnen vonden we het hoog tijd dat we ons eens trakteerden op een extra’tje, aangezien we de voorbije maanden toch “redelijk” zuinig waren geweest. In Baird Bay, een dorpje dat bestaat uit 1 straat, is er een koppel dat sinds 1991 mensen mee op zee neemt om te gaan zwemmen met zeeleeuwen en (als je geluk hebt) dolfijnen. Omdat deze trips langs de westkust zeer populair zijn en als gevolg dus ook redelijk duur, hadden wij de rit naar Baird Bay gemaakt om voor een prikje ons te wagen aan dit avontuur.

De ochtend van 17 maart stonden we vroeg en vol adrenaline op om ons klaar te maken voor “the big swim”. We waren in het totaal met 9 die meegingen met de boot en na het passen van onze wetsuits konden we vertrekken. Allereerst gingen we met de boot naar een plek waar de dolfijnen regelamtig gespot worden, met de hoop dat ze ook die dag er zouden zijn. We hadden geluk! Toen de dolfijnen in zich waren moesten we zo snel mogelijk het water in en met onze “heads down in the water”! Het was geweldig, de dolfijnen zwommen zonder angst onder en naast ons...  Omdat Allan (de kapitein en organisator van de trips) erop stond ons de dolfijnen nog beter te laten zien werden we iets dieper de zee ingebracht. Hier konden we opnieuw genieten van een zwem met de dolfijnen. 

Na de dolfijnen was het de beurt aan de zeeleeuwen. De kolonie zeeleeuwen bevond zich op een klein eilandje waar we rustig heen dobberden en al van op een afstand werden verwelkomd door de spelende en nieuwschierige zeeleeuwen. Een voor een sprongen, liepen en slopen ze het water in om ons van dichter bij te komen inspecteren. Na een warme chocolademelk en koek mochten we zelf het water in om met de beestjes te spelen (ja het zijn echte speelberen!). De boot lag aan anker dus we konden eruit en erin wanneer we maar wilden.

Hierna zijn we nog 1x naar de dolfijnen gegaan. Dit keer waren er ongeveer een 15 a 20 tal dolfijnen, waaronder 3 moeders met hun baby’s. Derde keer, beste keer!
Na ons avontuur was het tijd om aan onze tocht door de Nullarbor te beginnen. Behalve de hitte, eenzaamheid, eentonigheid en de vele vele vele kilometers valt er bitter weinig te schrijven of te vermelden over onze tocht naar het westen. Oh ja, behalve dat het maar weer bewezen is dat je tegen de vroege avond beter niet meer achter het stuur kruipt aangezien de kangeroes dan op stap gaan en niet uitwijken voor auto’s!

Onze eerste echte stop in de bewoonde wereld was in Esperance. Hier konden we eindelijk weer eens een Woolworths (Delhaize van Australie) binnen en gebruik maken van de faciliteiten van een bibliotheek (stroom en internet). Rond Esperance zijn er schitterende nationale parken, maar omdat het weer ons niet mee zat hebben we deze (spijtig genoeg) niet bezocht. Wat we wel konden doen was een bezoekje brengen aan Sammy the Sealion (plaatselijke inwoner) en reden we een stukje van “The Ocean Drive”, een rit langs prachtige stranden rond Esperance.

Van Esperance zijn we via Ravensthorpe naar Albany gereden en vervolgens naar Denmark. Denmark was voor ons ‘een toppertje’. Het is een klein maar gezellig dorpje met vele kleine winkeltjes en lekker ruikende koffiehuisjes, maar vooral een strand dat niet mag worden overgeslagen. Aan Ocean Beach is het strand parelwit en het water appelblauwzeegroen en als je geluk hebt (zoals wij) zwem en surf je er tussen de dolfijnen. Een local wist ons te vertellen dat het de eerste keer was in de 18 jaar dat hij daar werkt (voor de surfschool) dat de dolfijnen samen met de surfers golven namen. And he said: “We have so much more to learn from them”.

Onze volgende stop was The Valley Of The Giants, een van de weinige plaatsen waar je gigantische Tingle –en Karribomen kan spotten. Hier kan je je wagen aan `The Tree Top Walk`, maar omdat de Australiers graag veel geld verdienen aan toeristische attracties hebben we deze niet gedaan. Ter vervanging hiervan gingen we mee met een begeleide (deze dan wel gratis) rondleiding door een stukje van het woud. Later die dag zijn we gaan wandelen in Warren National Park, waar je in de Bicennential Tree (75m) kan klimmen. Ja, Niels is helemaal tot boven geklommen!

Onze eerste en hopelijk laatste platte band hadden we op de weg van Pemberton naar Augusta. Maar omdat de auto op een ondergrond stond bestaande uit zand en steentjes kregen we de krik er niet onder. Gelukkig zijn de Australiers super vriendelijk en rijden ze allemaal met een 4x4, die opblaaszakken (hadden wij nog nooit gezien) als krik hebben, waardoor we na 15 minuten verder konden rijden...

Na ons kort bezoekje aan Augusta zijn we door gereden naar Margaret River. Zowel het dorpje als de hele regio rond Margaret River is de moeite waard. Margaret River heeft een gezellig dorpscentrum, enkele prachtige stranden en een aantrekkelijke wijnregio. 

We zijn via Yallingup en Dunsborough naar Busselton gereden. Hier zijn we eindelijk naar een “tyre centre” gegaan om een nieuwe band te kopen en onze oliefilter te laten vervangen. De dag nadien hebben we de vernieuwing van onze REGO betaald, opnieuw een hele smak geld! Misschien dan toch nog een weekje gaan werken om niet met lege handen naar Belgie terug te keren?

De weg van Burbury tot Rockingham was vrij teleurstellend. De dorpjes zelf hadden niet veel charme, dus reden we door naar Fremantle, een stadje net onder Perth. Hier zijn we in het totaal 5 dagen gebleven, omdat er een leuke sfeer hing door het(paasweekend) straattheaterfestival. We hebben er genoten van de losse sfeer, het prachtige weer, het mooie South Beach en natuurlijk het theater. De eerste nacht in “Freo” brachten we door bij Teresa. We hadden op Gumtree een advertentie gezien van iemand die werkers en reizigers een bed aanbood voor slechts 10 dollar per persoon. Omdat wij graag eens iets anders wilden proberen en onze was een moesten doen, zijn we hierop ingegaan. We kregen uiteindelijk beide een sofabed in het salon in een huis dat “niet echt proper was” en waar nog 2 meisjes van Estland en 3 Australische jongens (waarvan 1 leek op een mengeling van Benny uit Het Geslacht De Pauw en de dikke uit Lost) verbleven. Teresa zelf was heel vriendelijk, maar vooral heel raar! Zo sliep ze die nacht buiten bij haar kippen...

Na Fremantle zijn we naar Cottlesloe getrokken, vanwaar we de trein konden nemen naar het centrum van Perth. Perth zelf is niet zo een grote, maar wel een leuke stad. Door de straten en het stadspark slenteren, winkeltjes doen, pic-nic’en,... That’s what we do best!

Foto's Western Australia: 

zaterdag 10 maart 2012

Sydney - Adelaide

We zijn er opnieuw in geslaagd om onze blog veel te lang te verwaarlozen. Maar gelukkig hebben we een geldige reden: we staken de voorbije 2 weken al onze tijd in het plukken van druiven.

Nadat Tullia en Maarten ons verlieten hadden we een dag voorzien voor het zoeken naar een job, maar ongeveer 2 uur later was het al in kannen en kruiken. De volgende dag stonden we voor dag en dauw tussen de wijngaarden. Deze keer werden we niet betaald per uur maar per emmer. Het plukken van zoveel mogelijk druiven (voor Pinot Grigio, Sauvignon Blanc,..) in een zo kort mogelijke tijd was dus de boodschap. Ook al leek deze job in onze fantasie ( sun, fun, wine and money) misschien iets leuker dan het werkelijk was, toch viel het allemaal zeer goed mee. Hebben leuke mensen ontmoet uit Frankrijk, Australie, Cambodja en zelf Afghanistan. Na 2 weken knippen zijn we klaar om aan onze laatste trip te beginnen richting het westen. En gelukkig zijn onze vingers hierbij voltallig gebleven!

Het enige waar we ons nu nog zorgen over zouden kunnen maken is hoe we van Darwin naar Melbourne geraken (met van, bus of vliegtuig), omdat onze terugvlucht immers van hieruit vertrekt op 16 juni. En spijtig genoeg vliegt de tijd snel voorbij en is er nog zoveel te zien...

Eerste deel foto's: 

zaterdag 18 februari 2012

Sydney to Melbourne


Schandalig eigenlijk, al meer dan een maand geleden dat we nog van ons hebben laten horen. Maar er is natuurlijk ook weer heel wat gebeurd waardoor het niet altijd gemakkelijk is te bloggen...

Laten we beginnen waar we geeindigd waren.

woensdag 11 januari 2012

New Zealand III Final

Zo, dit is onze laatste dag in Nieuw Zeeland en dus ook een goed moment om onze blog aan te vullen aangezien er weer veel gezien en gebeurd is...

maandag 2 januari 2012

New Zealand II


Eindelijk weer eens tijd om de blog aan te vullen en jullie op de hoogte te houden over het reilen en zeilen hier in Nieuw Zeeland.

Omdat we de auto 29 december in Auckland moesten afgeven zijn we vrij snel van het zuiden van het zuideiland naar het noorden gereden. Een leuke tussenstop was Hanmer Springs, een dorpje dat zijn naam en toerisme te danken heeft aan zijn enorm spa-complex. Dat konden we natuurlijk niet aan ons laten voorbij gaan, dus zijn we een voormiddag gaan chillen in warme waters en voor de kleinste onder ons een mega coole waterglijbaan...

Helemaal herboren en opgeladen zijn we doorgereden naar de Abel Tasman regio. Hier hebben we ons opnieuw gewaagd aan een wandeling. De wandeling die 6 uur heeft geduurd trakteerde ons op super mooie uitzichten, stranden en pijnlijke blaren.  Na Nelson zelf bezocht te hebben zijn we naar Havelock gereden. Hier hebben we kerstavond doorgebracht, met een bed (eindelijk!), een heerlijk zelfgemaakt kerstdiner en een santa-poes (die nadien nog stiekem bij ons in bed is gekropen en er vervolgens weer is uitgesmeten). Omdat we natuurlijk weer veel te veel eten hadden gekocht konden we op kerstdag genieten van een heerlijke pic-nic op het strand van Anakiwa onder een zalige warme zon.

Op 26 december om 19u namen we de ferry van Picton (zuideiland) naar Wellington (noordeiland). Na een overzet van 3 uur kwamen we toe in Wellington, waar we meteen het donkerste en minst drukke straatje inreden om te overnachten in de auto. De dag nadien hebben we de tijd genomen om Wellington zelf te bezoeken, inclusief het Te Papa museum. Dit museum is een interactief museum over de geschiedenis, fauna en flora, toerisme, natuurrampen,... van Nieuw Zeeland. Super dus!

Na een dag rijden hebben we onze auto ingeleverd en gewisseld voor een andere auto (zonder slaapfunctie, maar met tent). Omdat we deze auto slechts voor 10 dagen huren en nadien nog 4 dagen hebben zonder auto hebben we beslist om Auckland later te bezoeken en meteen door te rijden naar Thames (Coromandel Region). Dit was ook de eerste dag na ongeveer een hele periode mooi en warm weer dat het begon te regen voor 4 dagen (non-stop!). De Coromandel regio is prachtig, maar door het slechte weer hebben we er niet zoveel van kunnen genieten en hebben we spijtig genoeg enkele dingen moeten missen (Cathedral cove en Hot water beach).

Oudejaar hebben we gevierd in Raglan, een dorpje wereldberoemd voor zijn surfgelegenheden. Ook hier was de regen een spelbreker. Gelukkig hing er op de camping een leuke sfeer, konden we koken in een droge keuken en konden we genieten van een sauna... Ook leuk: bij de avondwandeling naar het strand werd de weg verlicht door “glowworms”. Prachtig en surrealistisch! De dure Glowworm Caves moeten we dus niet meer gaan bezoeken en zo hebben we alweer dollars uitgespaard.

Ondertussen zijn we Pureora Forest Park voorbij en verblijven we nu in National Park. Dit ligt op enkele kilometers van Tongariro National Park  (remember Mordor, Lord of the Rings?) waar we morgen opnieuw de “trampers” gaan uithangen, hopelijk deze keer zonder blaren als gevolg...

donderdag 22 december 2011

New Zealand I

Toen we van het vliegtuig stapten in Christchurch werden we meteen met onze neus op de feiten gedrukt: we waren allesbehalve voorbereid op NZ. Teenslippers en t-shirts waren helemaal niet geschikt voor het weer dat te vergelijken valt met een Belgische winter...

De volgende dag trokken we onze warmste kledij aan om in ons Spaceship (Toyota met bed en gaskooker) Christchurch te verkennen. We waren onder de indruk van de stad die bijna 10 maanden geleden getroffen werd door enorme aardbevingen. Het stadscentrum was volledig afgesloten en zoveel maanden later was het nog voelbaar dat zich hier een drama had afgespeeld. Er waren ingestorte gebouwen, winkels waarbij alles de grond op lag,... Toch was het duidelijk dat het leven verder gaat, zo maakten winkeliers van containers gezellige boutiques.

Wanneer we vervolgens een eerste keer op zoek gingen naar 1 van de verschillende gratis DOC-kampplaatsen zagen we meteen hoe prachtig en veelzijdig de natuur hier is. Gelukkig kan het hier niet alleen koud zijn, enkele uren later kan de zon branden op je huid. Wat geplons in een kristalhelder riviertje werd onderbroken door gekrijs door Roxane. Haar dikke teen leek een smakelijk tussendoortje voor een pikzwarte aal van ongeveer 30cm...Gelukkig viel de schade heel goed mee en konden we vervolgens van Amberley naar de westkust trekken via de Arthurs Pass. Het uitzicht op de bergen was schitterend en de kleine dorpjes gezellig. Een perfecte gelegenheid om onze stapschoenen aan te trekken. Maar het kan blijkbaar spectaculairder in NZ, want de volgende dag bezochten we de Fox en Franz Josef Gletsjers.

Aangezien we ons Spaceship tegen 29 december moeten binnenbrengen in Auckland ($ interessante relocation deal) gingen we verder richting Wanaka. Zowel Wanaka (mini versie van Queenstown) als Queenstown zijn beide leuke en gezellige stadjes aan een enorm meer. Het zonnetje scheen die dag dus dat maakte het nog beter!

Te Anau, de volgende stop, was het laatste dorpje op de (lange) weg richting Milford Sound.Het dorpje zelf hebben we terzijde gelaten aangezien we ons zo vroeg mogelijk wilden wagen aan de weg naar “het paradijs” (Milford Sound). De boekjes en de informatiebrochures liegen niet wanneer ze zeggen dat de rit richting Milford Sound adembenemend mooi is. In Milford Sound zelf hebben we de boot genomen omdat je zo de Fjorden het best ervaart. Omdat er geen woorden zijn om te beschrijven hoe mooi het was, laten we jullie meegenieten via de foto’s.

Vliegensvlug met ons Spaceship naar het noorden getrokken om ook hier nog wat de toeristen uit te hangen en te genieten van al wat het noorden ons te bieden heeft.

maandag 5 december 2011

East Coast III

Het is alweer meer dan 2 weken geleden en dus dringend tijd om onze blog up te daten..

Na Rainbow Beach zijn we naar Tin Can Bay gereden. Hier kan je ’s ochtends vroeg wilde (maar ondertussen al heel gewoon aan al dat mensenvolk) dolfijnen voederen. En.. dat moesten wij dus natuurlijk ook eens gedaan hebben! Gympie was onze volgende korte stop, aangezien we hier in het postkantoor onze REGO-sticker hadden naar laten opsturen. Vanaf nu rijden we eindelijk ‘legaal’ op de Australische wegen!

Onderweg naar Brisbane zijn we nog gestopt in Noosa (het Saint Tropez van Australie), Yandina (een boerengat) en Beerwah (waar familieruzies op rustige campplaatsen normaal zijn). In Brisbane zijn we 2 dagen en 1 nacht gebleven. Overnachten op de parking van een jeugdherberg is een goede manier om gratis te overnachten in een stad... Na bijna 2 maanden geen grote stad meer te hebben gezien deed het ons beide deugd in Brisbane te zijn. Wel moesten we opnieuw wennen aan het verkeer en de drukte van een stad.

Vervolgens zijn we vanuit Brisbane doorgereden naar Surfers Paradise. Dat wat een aangenaam strandstadje had kunnen zijn werd overschaduwd door dronken, uitbundige en luidruchtige tieners. Hadden we maar geluisterd naar de wijze raad van het oud vrouwtje in het informatiecentrum die ons waarschuwde voor de drukte van “schoolies-week”. Dit is de 1e week van de grote vakantie waar alle afgestudeerde jongeren badsteden doen lijken op Lloret Del Mar. Maar we hebben het overleefd!

De volgende tussenstop was Springbrook, het tegengestelde van wat we de voorbije dagen hadden gezien. Namelijk een prachtige groene natuur ongeveer 30km in het binnenland met watervallen en “scenic drives”. Een streling voor het oog!

De volgende dag zijn we over de grens gereden (van Queensland naar New South Wales) richting Byron Bay, waar onze Belgische croc-vriend aan het werk is. Na 2 leuke dagen vol Eddy Wally en Sammy Thange imitaties (binnenpretje) moesten we afscheid nemen van Bruno en onze trip richting Sydney verder zetten.

1 December 2011, de dag dat ik voor het eerst mijn verjaardag in de zomer kon vieren werd uiteindelijk opnieuw een koude en natte dag... Maar niet getreurd, de koala’s in het koalaziekenhuis, de zelfgemaakte tapas, de warme (!) douche en de rustige nacht op de camping “made my day”. En natuurlijk was dit een super verjaardag omdat ik hem kon doorbrengen in Australie met Niels!

Tenslotte nog enkele handige tips:

1.       Niet betalen voor een camping in een Nationaal Park (lees vroeg opstaan en voor de rangers komen wegwezen) heeft zo zijn voordelen. Ten eerste, alweer dollars gespaard en ten tweede, wilde dolfijnen spotten tijdens het ochtendloopje op het strand!

2.       Laat nooit de deuren van je auto te lang open of je wordt wakker naast een grote en enge spin (ja, groter en enger als de spinnen in Belgie). Zie foto op Facebook.

3.       Newcastle is zoals de naam al doet vermoeden, niet “echt” een Australisch stadje. Raar om precies even in Engeland te zijn...

4.       Als het in Sydney in december even warm is als in Belgie klopt er duidelijk iets niet. Met 18 graden is de start van de zomer in Sydney al meer dan 50 jaar niet meer zo koud geweest.

We zijn nu ter hoogte van Sydney, meer bepaald in Manly, om ons klaar te maken voor een nieuw avontuur in Nieuw-Zeeland.

Groetjes en tot snel!

zaterdag 19 november 2011

East Coast II

15 november 2011: Onze eerste keer gesurft. In Agnes Water kan je surflessen volgen voor 17 $ per persoon en je bent de hele voormiddag bezig, dus eigenlijk is dit spotgoedkoop. Zowel Niels als ik vonden het super en zelfs nadat we al enkele liters zout water binnen hadden slaagden we erin om een paar keer ons ‘board’ te staan.. In volle overtuiging dat er een groot surftalent in ons verschuild zat, zijn we de volgende dag dus een surfplank gaan huren om nog een beetje zelf te oefenen. De tweede en derde keer surfen bracht ons terug met beide voeten op de grond (letterlijk en figuurlijk).

Onze “Van” brengt ons nog steeds naar waar we willen, hoewel hij niet altijd van de 1e keer (en soms 2e keer) wilt starten. Ook de frigo is al aan een tweede leven begonnen na het vervangen van enkele onderdelen... Desondanks zetten we onze trip naar richting Sydney gewoon door.

Niels zijn verjaardag hebben we in Hervey Bay gevierd. Voor de verandering en natuurlijk voor het comfort (Niels wordt maar 1x 24 jaar) hebben we geslapen op een camping. Verjaardagsavondmaal: steak met pepersaus op de BBQ met gebakken patatjes (ter vervanging van de belgische frietjes) en de nodige alcohol dat heel snel gevoeld werd aangezien het even geleden was (lees: alcohol is hier duur!).

Tenslotte wil Niels ook via deze weg iedereen bedanken voor de verjaardagswensen!

Tot binnenkort...

woensdag 9 november 2011

East Coast I

We zijn 5 dagen geleden aan onze "East Coast-trip" begonnen met bestemming Sydney. Ondertussen zijn we in Townsville beland. We hebben al verschillende mooie plekjes gezien: Babinda Boulders, Mission Beach, Balgal Beach, Townsville. Foto's vind je in onderstaande links zodat jullie kunnen meegenieten!
Groeten Niels en Roxane
FOTO Hartley's Creek
FOTO East Coast I

donderdag 3 november 2011

Cairns part II

Na de Crocodile Trophy werd het tijd om werk te maken van de aankoop van onze Van. Ondanks enkele moeilijkheden om geld op onze australische rekening te zetten, is het door middel van wat hulp uit Belgie (dank u mama Niels) toch gelukt. Ons huisje (auto) is nu zo goed als volledig in orde en klaar om met ons Australie te verkennen. De Van kwam al goed van pas om samen met Sam en Sander croco’s te gaan spotten en hun uiteindelijk aan de luchthaven af te zetten. Het gaat weer even wennen worden om niet meer met 4 te zijn...

Crocodile trophy deel 2

Zoals velen ondertussen al weten zijn Sander en Sam er in geslaagd om de Crocodile Trophy uit te rijden en daar bovenop behaalden ze de  30ste en 31ste plaats in het eindklassement.

Door de aanhoudende regen werd stage 4 gewijzigd en konden we ter plaatse blijven in Irvinbank. Het werd een rit met 3 plaatselijke rondes van 28km. ’s Avonds konden we terecht in de (enige) pub van het dorpje waar het hele dorp zich verzamelde (inclusief live-band) om lekker gezellig te doen. De vijfde rit eindigde op een prachtige lokatie aan Mount Mulligan. Dit is ook de plaats waar Niels en ik, tijdens het afbreken van de tenten, onze eerste kangoeroo hebben gespot in the wild.
Dag 6 moesten de renners 189km afzien op hun fiets in een maximum temperatuur van 43 graden celsuis. Ook wij (de staff) moesten lange uren in onze truck doorbrengen, aangezien de wegen geen wegen waren en 50 km/h meer regel was dan uitzondering. De aankomst bevond zich in the middle of nowhere aan een rivier. We zagen dus regelmatig renners een boompje zoeken, gewapend met een witte rol papier. De volgende ochtend werd nogmaals bewezen hoe slecht de organisatie van de crocodile trophy soms verliep toen we met 4 een kampplaats van 200 man moesten afbreken onder de brandende zon. Na 5 uur slavenarbeid konden we eindelijk vertrekken naar de finish van de 7e rit, namelijk in Laura. Aangezien we pas tegen het avondeten aankwamen vernamen we pas achteraf dat Peppie en Kokkie weer zeer goed hadden gepresteerd. De volgende dag zaten de kilometers van hun lange rit toch nog in de benen...
In Kalpowar (finish 8e rit) ontmoetten we onze eerste slang in het wild. Toen we gehoord hadden dat er zich een slang in het toilet van de kampplaats bevond, besloten we met 4 belgen eens een kijkje te gaan nemen. De oudste van de bende was niet onmiddellijk onder de indruk en kwam op het briliante idee om de slang te porren. Toen de slang zijn kop uit het toilet stak was dit voor de dappere(?) belg een signaal om de slang nog verder te provoceren. Het gevolg was dat de slang uit het toilet sprong in de richting van de drie mannen die zich in het kleine wc-hokje bevonden. Ik (Roxane), die achter hun stond, heb nog nooit 3 mannen zo hoog horen gillen en het “survival of the fittest” principe weten toe te passen...
 In de negende en zwaarste rit van de crocodile trophy wisten sam en sander weer stand te houden. Vervolgens konden ze in de laatste rit richting cooktown nog eens alles geven en slaagden ze erin om bijna de hele dag bij de kopgroep te volgen. Na een knappe 22ste en 23ste plaats konden ze eindelijk van het adembenemende uitzicht van Cooktown genieten.


zaterdag 22 oktober 2011

Crocodile trophy deel 1

Het regende pijpenstelen in de nacht voor de start van de crocodile trophy. Gelukkig lagen we toen  nog in een kingsize bed in ons hotel. Aangezien het bleef regenen,  werd het een natte start van de crocodile trophy. In rit 1 reden de renners van Cairns naar Lake Tinaroo over een afstand van 106 km. Het regende regelmatig zodat de eerste rit onmiddellijk zwaar was. Ook voor de crew was het afzien voor de opbouw van keuken, tentenkamp enzovoort. Aangezien de jeep van de origanisator vast kwam te zitten door de regen, werd de race gedurende 90 minuten stilgelegd.  Door de zware omstandigheden werd de rest van de rit geneutraliseerd en werd voor een veiliger en minder zwaar parcours gekozen. Na een natte nacht duurde het op dag 2 niet lang voor de regen opnieuw  kwam opzettten. Ondertussen was het zwoegen bij de afbraak van de kletsnatte tenten, die vervolgens in het regenwoud moesten worden opgesteld. Nog voor we aankwamen stond het kampeerterrein onder water. De renners moesten regen en wind trotseren, het leken wel Belgische  toestanden. Helemaal uitgeregend eindigden Sam en Sander tesamen bij de eerste 40 renners. ’s Avonds was het nog gezellig onder de Belgen ondanks de rukwinden en regenvlagen. Aangezien de combinatie van het fietsen en het kamperen in deze omstandigheden niet lang meer vol te houden was, werd rit 3 gewijzigd. De renners reden voornamelijk via een snelweg richting Irvinebank. In dit kleine dorpje kunnen we eindelijk binnen slapen en hield het na 2 dagen op met regenen. Sam en Sander staan na rit 3 op de 35 en 36e plaats in het algemene klassement.  Als vierde rit werd gekozen voor 3 plaatselijke ronden van 28km in Irvinebank.



De rest volgt later of op www.croc.at